Nieuwe natuur in Kollumerwaard:
na ruim 30 jaar haar uiteindelijke inrichting?

Jarenlang is gesproken over de inrichting van de Kollumerwaard. Vooral de inrichtingsplannen voor het militair terrein waren aan kritiek onderhevig. In eerste instantie kreeg defensie ongeveer 1000 ha van de Kollumerwaard tot haar beschikking. Door veranderende oefenprogramma's binnen de strijdkrachten werd bij de start van de inrichting het eigenlijke schietterrein Kollumerwaard 225 ha groot.

Inrichting schietterrein

In de tachtiger jaren van de vorige eeuw werd begonnen met de inrichting van het schietterrein. Rond het defensieterrein werd een kade aangelegd en daarbinnen kwamen sloten, zanddepots, wegen en een bos. Alle inrichtingswerkzaamheden waren gericht op toekomstige schietoefeningen met militaire voertuigen en ander wapentuig. Na ruim tien jaren van inrichting is een grote kentering in de eindbestemming voor de Kollumerwaard gekomen: het ministerie van Defensie had het schietterrein niet meer nodig. Middels een feestelijke overdracht in oktober 1999 is het terrein in eigendom en beheer naar Staatsbosbeheer gegaan.

Landschapontwerp

Staatsbosbeheer kreeg de taak het terrein zoveel mogelijk terug te brengen naar de oorspronkelijke, natuurlijke situatie. Dat betekent een herinrichting naar de situatie zoals het terrein er voor de inrichting bij lag. In het kader van het 100-jarig bestaan van Staatsbosbeheer heeft de Dienst Landelijk Gebied aangeboden om het landschapsontwerp en inrichtingsplan te maken. Een jaar na de overdracht is de schets voor de inrichting gepresenteerd en akkoord bevonden door het Overlegorgaan Nationaal Park Lauwersmeer.

Hoofdfunctie natuur

Bij het opstellen van het inrichtingsplan is rekening gehouden met de volgende uitgangspunten:

de hoofdfunctie van de Kollumerwaard is natuur;
de boezemfunctie van de Kollumerwaard blijft in stand / wordt hersteld;
in de Kollumerwaard is recreatief medegebruik mogelijk;
de Kollumerwaard biedt ruimte voor ecologisch onderzoek.

Inrichtingsplan

Het inrichtingsplan voorziet in eerste instantie in het weghalen van gebiedsvreemde elementen en materialen. Dat betekent dat de grote hoeveelheden opgespoten zand (ruim 200.000 kuub zand) en de meeste verhardingen van de wegen worden verwijderd.

Daarnaast worden de sloten natuurlijker gemaakt (flauwer talud en ondieper). De kade rond het terrein krijgt ook een functie in het plan. Deze zorgt voor een kunstmatige vernatting. Het regenwater wordt achter de kade opgevangen en ook kan het Lauwersmeer bij hoge waterstanden over een verlaging in de kade het gebied in- en uitstromen. Landschappelijk vormt de grote geluidswal langs de Kwelderweg een storend beeld. Hij moet daarom verdwijnen. Deze grond is al eerder op transport geweest; het is namelijk afkomstig uit het kanaal rond Kollum.

Schetstekening

De schetstekening geeft een toekomstig beeld van het natuurgebied met jaarrond-begrazing. Het gebied vormt een belangrijke schakel tussen de twee bestaande graasgebieden Kollumerwaard en Zoutkamperplaat. Een parkeerterrein langs de Kwelderweg geeft toegang tot het terrein. Een fiets- wandelpad, twee kijkpunten en een hoog bastion bij het parkeerterrein vormen, samen met een groot terrein waar de recreant vrij mag struinen, de recreatieve invulling. Vooral het bedachte watersysteem, in samenspel met de begrazing, zal er toe bijdragen dat in dit nieuwe natuurterrein een boeiende ontwikkeling van de planten- en dierenwereld ontstaat. Verstoring kan deze ontwikkeling ongunstig beïnvloeden daarom blijft het noordwestelijke deel van het terrein voor de recreant gesloten. Het struingebied aan de oost-zijde biedt daarentegen extra vrijheden om van de natuur te genieten.

Door: Wijbe de Vries, landschapsarchitect, Dienst Landelijk Gebied

Uit: Informatiekrant Nationaal Park Lauwersmeer, 2e jaargang, nummer 1, juli 2001

print